Startrails

Gepubliceerd op 19 februari 2019 23:38

Met hele lange sluitertijden is het mogelijk om de beweging van de sterren-hemel ten opzichte van de aarde (of eigenlijk andersom; de beweging van de aarde ten opzichte van het heelal) vast te leggen. Helaas hebben we in Ne-derland te maken met erg veel lichtvervuiling, waardoor het bijna ondoenlijk is om met erg lange sluitertijden te werken. 

Lichtvervuiling wordt veroorzaakt door strooilicht van o.a. steden. Het licht van de stad of snelwegen wordt door vocht en stofdeeltjes in de atmosfeer weerkaatst en levert een gele of oranjebruine kleurzweem op boven de ho-rizon. In de meeste landen is die lichtvervuiling zó sterk dat hij het licht van de sterren grotendeels overstemt. Als je ervoor zou willen kiezen om met één foto met een extreem lange sluitertijd een startrail te maken, dan ben je eigenlijk aangewezen op afgelegen locaties zoals de woestijn, een hoogge-bergte of het poolgebied.

Een ander nadeel van het werken met extreem  lange sluitertijden is dat je sensor gewoonweg veel te heet wordt. Voordat je een mooi sterrenspoor hebt moet je (afhankelijk van je brandpunt) toch wel rekening houden met sluitertijden van een half uur tot een uur, liefst zelfs langer. Dat was met een analoge camera geen probleem, maar bij digitale camera's vreet het batte-rijen en levert het daarnaast extreme ruis op. Dus ook op afgelegen locaties is de methode die ik hieronder beschrijf de beste optie.   

Dankzij Photoshop is het namelijk toch mogelijk om in Nederland geslaagde startrailfoto's te maken, zoals je hiernaast ziet. Je werkt dan alleen niet met een hele lange sluitertijd, maar je maakt juist een groot aantal foto's met een relatief korte sluitertijd (doorgaans 20 tot 30 seconden). Dit doe je ge-durende bijvoorbeeld een uur, zodat je per saldo in al die foto’s dezelfde be-weging vastlegt als wanneer je 1 foto met een sluitertijd van een uur zou hebben gemaakt.

Als je een uur fotografeert met sluitertijden van 30 seconden heb je uitein-delijk 120 foto's, en die foto’s kun je in de nabewerking samenvoegen. Dat moet natuurlijk zodanig gebeuren dat de sterren van de ene foto aansluiten op de sterren uit de volgende foto, en dat is nog een behoorlijk complex en tijdrovend procédé. Gelukkig heeft fotograaf Chris Schur daar een Photo-shop plugin voor geschreven die al dat werk uit handen neemt. Die plugin is hier (gratis en legaal) te downloaden:

http://www.schursastrophotography.com/software/photoshop/startrails.html

De plugin werkt vrij eenvoudig, maar je moet wel even weten hoe. Als je hem hebt binnengehaald kun je hem direct aanroepen via Photoshop. Maar voordat je ermee aan de slag gaat moet je eerst even een zwart canvas aan-maken dat even groot (in pixels) is als de foto's die je gaat stapelen. Want in dat canvas wordt straks de samengestelde foto aangemaakt. Kijk dus even naar de exacte afmeting van één van de foto's die je gemaakt hebt, en neem die over voor het nieuwe canvas. Save het canvas in een andere map dan waarin de foto's staan die je gaat gebruiken voor de startrail, maar laat het canvas wel open staan in Photoshop. Wat ook belangrijk is; maak een map aan speciaal voor je sterrenfoto's. Gebruik geen reeds bestaande map waar al foto's in staan, want de plugin gebruikt automatisch alle foto's uit die map.

De plugin werkt als volgt; ga in Photoshop naar Bestand/Automatisch/Batch (of als je een Engelstalige versie hebt; File/Automate/Batch). Er opent dan een scherm zoals hiernaast en in het venster 'set' klik je de action 'Startrails' aan.

Daarna zoek je onder 'Source' de map waarin je foto's staan en die kies je. Tot slot klik je 'OK' en afhankelijk van de hoeveelheid foto's en snelheid van je PC kun je vervolgens koffie gaan drinken of een pan bouillon trekken. Met andere woorden, het kan even duren voordat je startrail klaar is. Als hij klaar is staat hij nog gewoon geopend op het werkblad van Photoshop, maar hij is nog niet opgeslagen. Mocht je hem opslaan zonder te hebben opgelet waar dat nou precies is gebeurd dan kun je hem terugvinden in de map waar je het zwarte canvas eerst hebt opgeslagen.

Het mooie van deze plugin is dat er maximaal 2 foto's (jpg's, dus fotografe-ren in RAW heeft geen zin!) tegelijk geopend zijn zodat je computer niet vast loopt als je een erg groot aantal foto's wilt samenvoegen. Photoshop combi-neert de eerste en de tweede foto en voegt die éérst samen tot één foto alvorens de derde foto wordt geopend en toegevoegd.

Een andere mooie bijkomstigheid van deze plugin is dat door het stapelen van de foto's (in tegenstelling tot het fotograferen met extreme sluitertijd-en) de eindfoto volledig ruisvrij is. Ook al fotografeer je met sluitertijden van 30 seconden of langer op hoge ISO-waarden en ziet elke individuele foto er misschien niet superstrak uit; in het eindresultaat is daar niets meer van te merken.  

Het samenvoegen van de foto's stelt dus niet zo veel voor. Maar voor een goed resultaat moet je bij het maken van de foto's wel met een paar dingen rekening houden. Ten eerste moet de hemel natuurlijk zo helder mogelijk zijn, maar je wilt ook geen last van strooilicht hebben. Want ook al werk je 'maar' met sluitertijden van maximaal 30 seconden, strooilicht kan je foto's goed verpesten. Zoek dus een plek ver van de stad of de snelweg. Sommige plekken in Nederland zijn 's nachts beduidend donkerder dan andere, en ik heb het geluk dat ik maar een paar minuten van zo'n plek af woon; midden op de hei in een natuurgebied. Denk dus vooraf goed na over de locatie als je hiermee aan de slag gaat. Op internet zijn kaarten te vinden waar de licht-vervuiling wordt aangegeven (onder andere op deze site: https://blue-marble.de/nightlights/2017). Je kunt daarop gemakkelijk relatief donkere plekken in je omgeving vinden (een échte 'darkspot', een plek waar je abso-luut geen last van lichtvervuiling hebt, is in Nederland helaas alleen op de Waddeneilanden te vinden).

Daarnaast wil je dat alle foto's zo identiek mogelijk zijn, met uitzondering van de positie van de sterren uiteraard. Ga dus niet net na zonsondergang of vlak voor zonsopkomst fotograferen, want dan zal de hoeveelheid licht per foto anders zijn. Ook zul je je scherpstelling, belichting en witbalans (want je fotografeert in jpg!) vast willen zetten. Scherpstellen doe je handmatig op oneindig minus een beetje. Oftewel, zet de autofocus uit, draai de scherp-stelring naar oneindig en draai hem vervolgens een heel klein beetje terug.

Om de belichting in elke foto gelijk te houden fotografeer je in stand M. De belichting regel je dan proefondervindelijk, want op je lichtmeter kun je niet afgaan. Op je LCD-scherm zal (afhankelijk van de resolutie ervan) een groot deel van de sterren overigens niet zichtbaar zijn; je zult het beeld enigszins moeten uitvergroten om te zien hoeveel sterren er in beeld komen en hoe fel ze zijn.

Als je te weinig sterren ziet zul je de foto in zijn geheel wat lichter moeten maken door de ISO-waarde of diafragma-opening aan te passen. Het verho-gen van je ISO heeft echter als nadeel dat er mogelijk meer ruis op zal tre-den. Het verlengen van de sluitertijd heeft maar weinig (en vaak helemaal geen) invloed op de helderheid van de sterren, maar wel op de helderheid van de lucht of de horizon! Hou daar dus rekening mee.

Dat een langere sluitertijd mogelijk geen effect heeft op de helderheid van de sterren is logisch, omdat de sterrenhemel optisch beweegt ten opzichte van de camera. 

Laten we als voorbeeld eens aannemen dat je een ster 15 seconden kunt fo-tograferen voordat hij door de beweging een klein streepje wordt op de fo-to. Dat betekent dat 1 ster gedurende 15 seconden een aantal pixelposities op je sensor belicht. Dat levert een bepaalde helderheid van die pixelposities op, maar na 15 seconden verplaatst de ster zich naar de aangrenzende pix-els die nog niet belicht waren. De oorspronkelijk belichte pixelposities ont-vangen na 15 seconden dus geen licht meer, en de sterren die daar stonden zullen na 15 seconden dus ook niet meer lichter worden.

Als, uitgaande van dit fictieve voorbeeld, bij een sluiterijd van 15 seconden de sterren niet helder genoeg zijn op de foto, dan heeft het dus geen zin om de sluitertijd te verlengen naar 30 seconden; zoals eerder gesteld zouden dan alleen de hemel, de horizon en de eventuele voorgrond lichter worden.

De grootte (lengte) van het sterrenspoor is niet alleen afhankelijk van hoe lang je fotografeert, maar natuurlijk ook van je brandpunt (en eventueel de cropfactor van je camera). Met een 11mm krijg je kleinere sporen dan met een 50mm, dus zul je wat moeten experimenteren om er achter te ko-men hoe lang je moet fotograferen voordat je resultaten een beetje specta-culair worden. Ga ervan uit dat je met een 18mm (op een cropcamera) min-stens een half uur fotografeert voordat het enigszins indrukwekkend wordt. Met kortere brandpunten of een fullframe camera zul je echt langer willen fotograferen.

Overigens draaien (optisch gezien) alle sterren om de Poolster heen, dus hoe verder de sterren van de Poolster af staan, hoe langer hun sterrenspoor. (En als je een perfect symmetrische sterrencirkel wilt creëren hoef je er dus alleen maar voor te zorgen dat de Poolster precies midden in je beeld staat).

Niet onbelangrijk; hou de maan in de gaten! Als er maanlicht is zullen de sterren minder zichtbaar zijn, en al helemaal bij volle maan. Niet dat het dan onmogelijk is om startrails te fotograferen, maar het resultaat heeft veel  minder impact en lang niet alle sterren zullen nog zichtbaar zijn. Op internet kun je vinden hoe laat de maan opkomt of ondergaat, maar mocht je er voor kiezen om toch bij maanlicht te gaan fotograferen, zorg er dan voor dat de maan niet ineens in beeld komt. Het is moeilijk in te schatten wat de exacte baan van de maan zal zijn, maar hij beweegt in elk geval van links naar rechts. Dus als je je compositie links van de maan plaatst dan zal hij gedu-rende het fotograferen zeker niet in beeld komen.

Tot slot nog een tip; als je voor je startrailfoto toch al enorm veel foto's van de sterenhemel hebt gemaakt, dan kun je diezelfde foto's ook gebruiken om er een time-lapse filmpje van te maken!


«   »