Onweer fotograferen

Gepubliceerd op 28 februari 2021 om 23:04

Bliksemfoto's zien er al snel spectaculair uit, maar om er echt iets speciaals van te maken zul je toch met een aantal zaken rekening willen houden. Met een beetje geluk een bliksem vastleggen levert meestal niet zo'n mooie foto op als wanneer je jezelf voorbereidt en weet waar je mee bezig bent. En dat betekent dat je er misschien meer voor over moet hebben dan gedacht.

Er zijn talloze manieren om goede bliksemfoto's te maken en daar zal ieder zijn eigen voorkeur in hebben. Hieronder beschrijf ik mijn methode, omdat ik daar de meeste voldoening uit haal. Maar als mensen liever filmen en later een los frame uit de video willen gebruiken, of met een flitstrigger werken die reageert op bliksem dan is daar niks mis mee. Het gaat tenslotte om het resultaat. Elke methode heeft zo zijn voordelen en beperkingen, dus als je hiermee aan de slag gaat zou ik zeker adviseren om wat te experimenteren.

Ikzelf wil naar buiten met de reflexcamera (liefst 2, waarover straks meer) en continu bij mijn camera blijven. Veel mensen maken foto's vanachter een raam maar dat beperkt je enorm in je compositie. Meestal is het dak van de overburen dan je horizon en dat ziet er gewoon niet uit. Buiten kun je een mooie plek zoeken met een ruim uitzicht en een mooie horizon. Een ruim zicht op de lucht geeft je de mogelijkheid om de bui relatief lang te blijven volgen (een bui kan behoorlijk snel overtrekken) en je compositie of fotografierichting aan te passen. En daarmee wil ik gelijk een valkuil van het werken met een flitstrigger aanstippen. Met zo'n trigger maakt je camera direct een foto wanneer de trigger een bliksem detecteert, waardoor je als fotograaf na het instellen van de camera eigenlijk niet veel meer hoeft te doen. De camera staat op een statief en de trigger doet zijn werk, en dan wil je wel eens vergeten de camera met de bui mee te bewegen.  

Wat de instellingen betreft; ervan uitgaande dat je in het donker fotografeert (bliksem is overdag bijna niet vast te leggen) zal de belichting voornamelijk van de intensiteit van de bliksem afhangen. Je wilt een goed belichte bliksem, dus de achtergrond doet er minder toe. Dat maakt lichtmeten eigenlijk onmogelijk; de achtergrond is (grotendeels) donker en de lichtmeter meet alleen wat hij ziet; met een bliksem houdt hij geen rekening. Daarnaast weet je ook niet hoe lang je moet belichten; de bliksem komt altijd onverwachts. En als de lichthoeveelheid en de sluitertijd niet vaststaan, kun je dus ook niet lichtmeten. En dat heeft weer als gevolg dat je niet in de automaat of halfautomaat (stand Tv of S) kunt werken; je zult in de manuele stand willen werken en de belichting door middel van een aantal proeffoto's (mét bliksem) willen bepalen. Om tot een goed belichte (en scherpe) foto te komen ga ik als volgt te werk:

 

- de camera gaat op statief en in stand M

- ik stel de sluitertijd in op 20 of 30 seconden, of op 'bulb'. Met een lange sluitertijd vergroot ik de kans dat er een bliksem op de foto komt.

- de ISO kan meestal redelijk laag blijven (ISO 100-200-400 voldoet meestal wel).

- met de diafragmawaarde (en eventueel ISO-waarde) regel ik de belichting

- ik gebruik een groothoeklens; hiermee bestrijk ik een groot stuk van de hemel waardoor de kans groot is dat de bliksem binnen mijn kader valt.

- een groothoeklens geeft een relatief grote scherptediepte. Daar wil ik gebruik van maken, want aan de autofocus heb ik niks.

- ik zet de autofocus uit, stel handmatig scherp op 'oneindig' en draai de scherpstelring dan een heel klein stukje terug.

- hierdoor wordt de scherptediepte zo groot dat het niet meer uitmaakt of de bliksem op 1 of 10 kilometer afstand plaatsvindt; alles is scherp.

- ik fotografeer onweer het liefst in JPG in plaats van RAW (schande!) vanwege de geheugenruimte. Wellicht maak je honderden foto's...

- in dat geval zet ik de witbalans op 'gloeilamp'; dat geeft mooi gekleurde luchten. De automatische witbalans levert vaak grijzige foto's op.

- als je wel in RAW wilt fotograferen zorg dan dat je echt grote kaartjes bij je hebt; in het donker en de regen wil je niet teveel kaartjes wisselen.

 

Vervolgens ga ik gewoon foto's maken totdat ik een foto mét bliksem heb. Die gebruik ik als belichtingsreferentie; als hij te donker is draai ik mijn diafragma wat verder open of verhoog ik de ISO. Dan is het wachten tot de volgende bliksem om de nieuwe instellingen te controleren. Na 2 of 3 bliksems heb je dan de ideale instellingen meestal wel te pakken, maar blijf deze tijdens het fotograferen wel controleren; als een bui dichterbij komt wordt de intensiteit van de bliksem sterker en zul je je instellingen willen aanpassen.  

Waar je ook op zult willen letten is dat er na het vaststellen van de juiste belichting niet ineens 2 bliksems binnen je sluitertijd vallen; 2 bliksems betekent grofweg 2 keer zoveel licht, en dus ineens een stop verschil. 2 bliksems in 1 foto klinkt misschien spectaculair, maar kan resulteren in een overbelichte foto. Ik probeer dat te ondervangen door in sluiterstand 'bulb' te werken met een draadontspanner, in plaats van met een vaste sluitertijd van 20 of 30 seconden. Op deze manier kan ik de sluiter direct dichtgooien nadat er een bliksem is geweest; ik zet de draadontspanner vast zodat ik niet de hele tijd mijn vinger op de ontspanknop hoef te houden, maar zorg er wel voor dat ik niet ineens 40 of 50 seconden ga belichten; dan zal er na verloop van tijd ruis optreden omdat de sensor er erg warm van kan worden. Bovendien betekent een langere sluitertijd automatisch dat het ook langer duurt voordat je foto op de geheugenkaart is  weggeschreven, en in die wegschrijftijd kun je niet fotograferen. En je zult net zien dat dan de mooiste bliksems voorbij komen...

Mocht je geen draadontspanner hebben (of eventueel een telefoonapp met wifi-ontvanger in je camera waarmee je hetzelfde kunt) dan kun je gewoon met een vaste sluitertijd werken en na de bliksem je lensdop voor je lens houden en zo de rest van de sluitertijd uitzitten. Of (wat ik erg handig vond, omdat het in het donker moeilijk mikken is met een lensdop) bind een washandje of een lapje stof aan je lens met een elastiekje, en hang die voor je lens zodra er een flits is geweest.

De onderstaande drie foto's zijn allen met dezelfde instellingen gemaakt, maar bij de laatste was de bui al wat dichterbij gekomen. Je ziet dat die in zijn geheel een stuk lichter is dan de andere twee. 

Algemene tips:

1) Wees voorbereid.  Als er onweer is voorspeld dan is het handig om bijvoorbeeld Buienradar in de gaten te houden. Je kunt dan inschatten rond hoe laat de bui bij jou in de buurt is en vooraf je spullen al gereed maken. Omdat het in het donker (en mogelijk in de regen) niet handig is om alles in te moeten stellen of nog in elkaar te moeten zetten zorg ik ervoor dat mijn camera op voorhand al op statief staat, een lege geheugenkaart en volle accu heeft, op stand M is gezet (met sluitertijd bulb of 30 seconden en de ISO op 200 als startpunt) en de autofocus uit staat. Ook zit er standaard een zaklamp in mijn tas zodat ik in het donker kan zien waar mijn knopjes op de camera zitten. Zodra de bui in de buurt komt hoef ik alles alleen nog maar buiten of in de auto te zetten.

2) Probeer bij voorkeur 'voor de bui uit' te fotograferen. Vlak voordat de bui eraan komt steekt er meestal een stevige wind op die de lucht schoon blaast en er voor zorgt dat je de bliksem goed kunt zien/fotograferen. Op het moment dat je al midden in de bui zit of als hij net is overgetrokken krijg je meestal een flinke hoeveelheid regen voor je kiezen en is de lucht bewolkt. Daardoor kun je bijna geen mooie heldere bliksemschichten meer fotograferen. Wel heb je dan kans op mooie oplichtende wolken, maar dat is vaak minder spectaculair dan een heldere bliksem (zie hieronder).

3) Als je toevallig 2 camera's, 2 statieven en 2 groothoeklenzen hebt dan kan het de moeite lonen om die allebei mee te nemen. Als je werkt met lange sluitertijden duurt het ook erg lang voordat je foto's zijn weggeschreven op je kaartje. Om te voorkomen dat je veel bliksems mist tijdens die schrijftijd kun je met 2 camera's om en om fotograferen. Ook kun je bij een snel bewegende bui je camera's verschillende stukken van de hemel laten bestrijken, zodat de kans groter is dat er een flits in je kader valt.

4) Hoe hoger je standpunt, hoe beter (maar vooral ook mooier) overzicht je hebt. Dus als je in een flat woont, fotografeer dan vooral vanaf je balkon. Mits dat veilig kan uiteraard. Vanaf grote(re) hoogte zul je het onweer ook hoger aan de hemel zien en dat zorgt voor een betere verdeling van voorgrond/horizon en bliksem. Als je vanaf de grond fotografeert zal een bui die zich op enige afstand bevindt optisch gezien maar net boven de horizon uit komen. Met als gevolg dat je maar een smalle strook met bliksem/licht hebt, en relatief veel zwarte/donkere voorgrond en donkere lucht die niet wordt opgelicht door de bliksem. In dat laatste geval kan het nog wel iets toevoegen om je foto achteraf in panorama te snijden (bijvoorbeeld breedte-hoogte verhouding 16:9). Dat zorgt voor een meer evenwichtige beeldvulling.

5) Last but not least: blijf veilig! Als je naar buiten gaat begeef je dan niet in de nabijheid van water, ga niet midden in een open veld staan en blijf uit de buurt van bomen. Als er geen veilige overkapping of andere schuilplaats is en de bui is relatief dichtbij, dan kun je eventueel vanuit de auto fotograferen. Ik zoek altijd een goede afgelegen plek uit en parkeer de auto met zijn kont naar de bui toe. Dan gooi ik de achterklep open en fotografeer vanuit de kofferbak (ik heb een stationwagen, dat wel...). Ik kan mijn camera's dan op de laagste statiefstand zetten en ze zodanig richten dat ze net onder de achterklep door kijken. Die klep doet gelijk dienst als afdak voor het geval het mocht gaan regenen, dus je zit zowel veilig als droog. En je kunt de radio aanzetten :-).

Goed, ik hoop dat ik je hiermee een beetje op weg heb kunnen helpen. Succes, en nogmaals: blijf veilg. 


«